Ga naar de inhoud

3 SEPTEMBER 2026

De Kampanje, Den Helder

Dagen
Uren
Minuten
Seconden
Offshore_Experience-126
Offshore_Experience-70
Offshore_Experience-111

THEMA:

Op donderdag 3 september 2026 vindt alweer de vijfde editie van de Offshore Experience plaats. Een lustrum jaar dus! Ook dit jaar vindt het evenement weer plaats op de prachtige locatie: de Kampanje in Den Helder. De perfecte plek om bij elkaar te komen om je één dag volledig te richten op de blauwe economie. Tevens is dit het eerste en enige event waar de blauwe economie, en daarmee de ecologische en economische waarde van de Noordzee, centraal staan.

De Noordzee is een van de drukst gebruikte zeeën ter wereld. Het gebied biedt ruimte aan scheepvaart, visserij, energieopwekking, natuurontwikkeling en recreatie. De uitdaging, en tegelijk de kans, ligt in het slim combineren van deze functies. Dat noemen we ook wel Multi Use.

Multi Use gaat over het meervoudig en duurzaam benutten van dezelfde ruimte, zonder de ecologische draagkracht van de Noordzee uit het oog te verliezen. Door activiteiten beter op elkaar af te stemmen ontstaan nieuwe mogelijkheden: efficiënter ruimtegebruik, minder impact op het ecosysteem en meer economische waarde. Denk aan de combinatie van windparken met natuurherstel, aquacultuur of innovatieve vormen van visserij.

Tijdens de Offshore Experience verkennen we hoe Multi Use kan bijdragen aan een toekomstbestendige Noordzee. Samen kijken we vooruit: hoe benutten we de Noordzee op een slimme manier, vandaag én voor de generaties na ons?

Wat is de Offshore Experience

De Offshore Experience is gericht op professionals (overheid, bedrijfsleven en kennisinstituten) en studenten met een speciale interesse voor onderwerpen en activiteiten rondom de Noordzee.

Op de Offshore Experience 2026 zetten we initiatieven van de overheid, het onderwijs en ondernemers in de schijnwerpers die de transities op de Noordzee bevorderen – door gedurfde innovaties, duurzame investeringen, visionair leiderschap of toegepast onderzoek.

Wij geloven er ook in dat de toekomst van de Noordzee afhangt van de volgende generatie leiders. Daarom hebben we een studentenprogramma voor MBO, HBO en WO om jongeren te betrekken, de waarde van de Noordzee te benadrukken en de spannende mogelijkheden van een carrière in de Blauwe Economie te laten zien.

Waarom deelnemen?
Op Offshore Experience 2026 creëren we ruimte voor gedurfde gesprekken en oplossingsgerichte partnerschappen. Door middel van panels, workshops en debat zetten we de kansen en uitdagingen voor de toekomst in de schijnwerpers – en de mensen die daar vorm aan geven.

We zijn actief op zoek naar deelnemers, partners en sponsors die willen bijdragen, co-creëren en leiden. Hiervoor krijg je zichtbaarheid, inzicht en toegang tot een levendig netwerk dat de toekomst van de offshore sector vorm wil geven.

Ben jij er klaar voor om hier deel van uit te maken?
Of je nu innovatie stimuleert, beleid vormgeeft, talent begeleidt of pleit voor de natuur, Offshore Experience 2026 is jouw platform om te leiden, te verbinden en te inspireren. Bekijk hieronder de aftermovie van 2025.

Dit was de Offshore Experience 2026

Op 3 september kwamen tijdens de vijfde editie van Offshore Experience circa 200 professionals, experts, beleidsmakers, ondernemers en studenten samen in De Kampanje in Den Helder. Onder het thema ‘Multi Use: Van Romantiek naar Realisme’ stond één vraag centraal: hoe zorgen we ervoor dat de verschillende ambities voor de Noordzee niet alleen mooie plannen blijven, maar ook daadwerkelijk gerealiseerd worden?

De Noordzee biedt volop kansen voor energie, voedselproductie, natuur, innovatie en veiligheid. Tegelijkertijd wordt de beschikbare ruimte schaarser en raken functies steeds sterker met elkaar verweven. Dat vraagt om keuzes én om samenwerking over de grenzen van sectoren en organisaties heen.

Tijdens drie deelsessies – Powerhouse, Voedsel & Natuur en Weerbaarheid – werd vanuit verschillende invalshoeken onderzocht wat daarvoor nodig is. Ondanks de verschillende onderwerpen kwam een duidelijke rode draad naar voren: veel kennis, technologie en goede ideeën zijn al aanwezig, maar de stap naar uitvoering vraagt om betere samenwerking, duidelijke verantwoordelijkheden, ruimte om te experimenteren en een overheid en wetgeving die met ontwikkelingen kunnen meebewegen.

Powerhouse

Powerhouse

Hoe bouwen we aan een energiesysteem op de Noordzee waarin opwekking, opslag, transport en gebruik veel slimmer samenkomen? De sessie liet zien dat daarvoor een bredere blik op energie én meer ruimte voor samenwerking en experiment nodig is.

De Powerhouse-sessie stond in het teken van de toekomstige energievoorziening en multi-use op de Noordzee. Arash Aazami benadrukte in zijn inspirerende opening dat de energietransitie niet alleen technologisch is, maar ook vraagt om nieuwe economische modellen, sociale structuren en wet- en regelgeving. De overgang naar een duurzaam energiesysteem vergt een andere manier van denken: minder vasthouden aan bestaande modellen, meer ruimte voor diversiteit, creativiteit en nieuwe samenwerkingsvormen. 

Een krachtig beeld vatte dit samen: het energiesysteem moet niet langer een centraal aangestuurd orkest zijn, maar een flexibele jamsessie. Offshore verbindingen zouden verschillende functies moeten combineren — opwekking, opslag, transport en omzetting van energie. Daarbij is de blik op alleen elektriciteit te beperkt: een groot deel van de energievraag bestaat uit moleculen. Windenergie en energiedragers als waterstof moeten elkaar in de toekomst versterken in plaats van los van elkaar te opereren. 
 
Tijdens de panelsessie met Berend Jan Zonneveld (TenneT), Patrice Hijsterborg (H2DO), Bart van der Wielen (RWE, OranjeWind) en Sander Poppes (Symphony Wave Power) werd duidelijk dat samenwerking tussen overheid, netbeheerders, operators en innovatieve startups essentieel is en dat die samenwerking in de praktijk nog vastloopt. Grote partijen houden vast aan hun kerntaken en doel van kostenefficiënte elektriciteitsproductie, terwijl kleinere, innovatieve spelers vechten om toegang, ondersteuning en ruimte om te experimenteren. Als concrete belemmeringen werden versnipperde en onvoldoende ketenoverkoepelende beleidsvorming, strak afgebakende taakomschrijvingen en wettelijke barrières voor aansluiting op bestaande infrastructuur genoemd. In dat kader werd ook het idee geopperd om een aparte, gespecialiseerde netbeheerder voor de Noordzee aan te stellen, die zich specifiek kan richten op offshore energie-infrastructuur en multi-use. 

 De sessie pleitte vooral voor een bredere blik op het energiesysteem van de Noordzee: niet alleen elektriciteitsopwekking, maar ook moleculen, conversie, bidirectionele verbindingen en medegebruik moeten worden meegenomen. Niemand kan voorspellen hoe de Noordzee er in 2050 uitziet — naast analyse is daarom vooral praktijkervaring nodig. Concrete pilots, samenwerking in elke projectfase, toegang tot bestaande infrastructuur en meer experimenteerruimte zijn nodig om te leren wat werkt en het vertrouwen op te bouwen dat multi-use vereist. 

 Deze sessie leidde ertoe dat de volgende actiepunten zijn opgesteld: 

– proactief en betere samenwerking op het gebied van multi use op de Noordzee. Bedrijfscultuur overstijgend. 
– realisatie multi use versnellen. Goede betrokkenheid overheid. 
– verbreed de blik verder dan het bestaande energiesysteem met diversificatie van opwekking opslag gebruik 

 

Voedsel en Natuur op de Noordzee: Multi Use in de visserij- en aquacultuursector 

De sessie werd gemodereerd door Martijn Rol (Rabobank). Alex Datema (Directeur Food en Agri Rabobank) opende met een pleidooi voor een “True Value voedselsysteem”: productwaarde, ecologische impact en maatschappelijke waarde samen erkend en beloond, via een gedeelde taal met gezamenlijke KPI’s door de hele keten, zodat spelers een betere prijs krijgen voor producten met hogere true value. 

In het panel zaten Josien Steenbergen (ecoloog, Wageningen Marine Research), Gerrit Kraak (docent visserskunde), Erik Wakkee (OOS International), Ron Kadiks (mosselkweker) en Stefan Tijsen (Pot Fishing Agency). Twee praktijkvoorbeelden lieten zien hoe nieuwe voedselproductie uit zee eruit kan zien: een offshore mosselfarm (semi-submersible) als antwoord op teruglopend rendement in Westerschelde en Waddenzee, met waardestromen als voedsel, proteïne, schelpen en ecosysteemdiensten, en passieve visserij van Pot Fishing Agency, waarbij met het seizoen wordt gevist, nieuwe ruimte wordt benut en offshore-vaardigheden breder worden ingezet. 

Drie stellingen structureerden de dialoog. Bij ecologie ging het om de vraag of passieve visserij en offshore mosselkwekerij een natuurlijke partner zijn voor natuurherstel; actieve visserij is vaak invasief voor de bodem, passieve visserij zou dat kunnen omzeilen, mits overbevissing wordt voorkomen. Bij het bedrijfseconomische thema stond diversificatie centraal: een onderneming moet meerdere soorten, technieken en activiteiten kunnen combineren, al werd genuanceerd dat mosselteelt juist een monocultuur is waarin opschaling en efficiëntie tellen. Bij systeemverandering kwam de rol van ketenpartners aan bod: de visserijschool is al partner van Blue Foods en Wieringen voor een lessenlijn van visser tot kok, en de jonge generatie moet ruimte krijgen om nieuwe bedrijfsmodellen te ontwikkelen. 

De sessie sloot af met drie heldere actiepunten richting de plenaire sessie: 

  1. Ecologie: innovatieve visserijmodellen zoals passieve visserij en offshore mosselkwekerij kunnen natuurherstel ondersteunen, mits het verdienmodel wordt versterkt vanuit de keten en ondersteund wordt met langetermijn overheidsbeleid. 
  1. Bedrijfseconomisch: nieuwe bedrijfsmodellen moeten diversificeren, flexibel zijn en meerdere diensten aanbieden; dit vraagt andere competenties en samenwerking met offshore-bedrijven. 
  1. Systeemverandering: nieuwe innovaties moeten niet wachten op marktadoptie, maar nu al gestimuleerd worden met steun van keten- en offshore-partners, overheid en financiers. 

Als slotboodschap gold: vissers dragen bij aan de voedselvoorziening en dat moet je koesteren; zie mariene eiwitten als strategische asset; verlies de romantiek niet uit het oog; en de overheid moet flexibel zijn om ruimte te geven voor innovatie. 

Weerbaarheid op de Noordzee 

De sessie werd gemodereerd door Joost Hoebink. Sjaco Pas (Kustwacht) opende met de constatering dat de Noordzee niet zozeer drukker, maar vooral voller wordt. Door de groei van windenergie, kabels, leidingen, scheepvaart en andere activiteiten nemen de onderlinge afhankelijkheden en veiligheidsrisico’s toe, terwijl de verantwoordelijkheden en middelen om security incidenten te monitoren en beveiligen zijn versnipperd. De Kustwacht kan bijdragen aan toezicht, handhaving en beeldopbouw, maar structurele capaciteit, financiering en een helder mandaat voor maritieme security ontbreken volgens de sessie nog.
  

Pieter-Jan Vandoren (HCSS) plaatste weerbaarheid in het bredere spanningsveld tussen economische, ecologische en veiligheidsbelangen. Hij benoemde vier taakvelden met kansen voor synergie: monitoring, beeldopbouw, bescherming en handhaving. In het panel zaten daarnaast Patrick Stoppelman (TNO), die inging op sensoren en de bescherming van kritieke infrastructuur, en Rob Frees (UltraSea), die het perspectief van fysieke beveiliging en business continuity inbracht. De rode draad was dat de benodigde kennis, technologie en bevoegdheden voor een belangrijk deel al aanwezig zijn, maar nog onvoldoende samenkomen in gezamenlijke pilots, informatie-uitwisseling en besluitvorming. 

Vijf stellingen structureerden de dialoog. Er was brede steun voor een aantoonbaar incidentplan als voorwaarde voor activiteiten op de Noordzee, waarbij zowel safety, security als cyberweerbaarheid moeten worden meegenomen. Over de verdeling van investeringen tussen detectie en fysieke bescherming ontstond een duidelijke en-en conclusie: beeldopbouw is nodig om dreigingen te duiden, maar heeft alleen waarde als daarop kan worden gehandeld. Ook onderschreef de zaal dat nieuwe ambities zonder extra mensen, middelen en coördinatie weinig geloofwaardig zijn. Het delen van natuur- en veiligheidsdata via een gedeelde sensorinfrastructuur bood kansen, maar riep vragen op over vertrouwelijkheid en toegang. Tot slot bleef bij het beoogde Noordzee Maritiem Security Centrum de kernvraag staan: wie is waarvoor verantwoordelijk en welk mandaat en welke slagkracht krijgt deze organisatie? 

De sessie sloot af met drie heldere actiepunten richting de plenaire sessie: 

  • Voorbereiding en respons:maak noodscenario’s en integrale incidentplannen verplicht en toetsbaar. Combineer daarbij fysieke veiligheid, beveiliging, cyberweerbaarheid en continuïteit, en leg vast wie informatie beoordeelt, besluiten neemt en optreedt. 
  • Gedeelde beeldopbouw en bescherming:organiseer monitoring, sensoren en relevante data zoveel mogelijk gezamenlijk, met duidelijke afspraken over vertrouwelijkheid, cyberbeveiliging en informatie-uitwisseling. Koppel detectie altijd aan handelingsperspectief en fysieke bescherming. 
  • Governance en capaciteit:wijs helder eigenaarschap en een besluitvormende regie aan, inclusief structurele mensen, middelen en mandaat. Breng overheid, Kustwacht, Defensie, kennisinstellingen, ecologen en commerciële gebruikers via concrete pilots bij elkaar. 

Als slotboodschap gold: weerbaarheid vraagt meer dan waarnemen. De Noordzee kan alleen veilig en werkbaar worden opgeschaald als verantwoordelijkheden duidelijk zijn, informatie gericht wordt gedeeld en partijen daadwerkelijk kunnen handelen. Veel bouwstenen zijn er al; de opgave is om ze met politieke besluitvorming, structurele capaciteit en gezamenlijke uitvoering samen te brengen. 

De Offshore Experience eindigde niet met alleen conclusies. De inzichten uit de deelsessies en het plenaire programma vormen de basis voor een Manifest en Actieagenda. Daarin brengen we de belangrijkste aandachtspunten en acties samen die nodig zijn om de stap van ambitie naar uitvoering te zetten.

Van systeemintegratie en nieuwe vormen van voedselproductie tot veiligheid, wetgeving, financiering en duidelijke verantwoordelijkheden: de volgende stap vraagt om een aanpak die sectoren overstijgt.

De Offshore Experience is daarmee in vijf edities uitgegroeid tot een ecosysteem waarin partijen elkaar niet alleen ontmoeten en kennis delen, maar gezamenlijk werken aan de toekomst van de Noordzee. Het Manifest wordt uiteindelijk overhandigd binnen het Noordzeeoverleg, zodat de opbrengsten van de dag ook verder worden gebracht.

Bezoekers
0 +
studenten(programma)
0 +
Partners
0 +
Experiences
0 +

Nieuws

Privacyoverzicht

Deze site maakt gebruik van cookies, zodat wij je de best mogelijke gebruikerservaring kunnen bieden. Cookie-informatie wordt opgeslagen in je browser en voert functies uit zoals het herkennen wanneer je terugkeert naar onze site en helpt ons team om te begrijpen welke delen van de site je het meest interessant en nuttig vindt.